Over 1 november.
De donkergrijze kiezels knisperen onder onze voeten. We stappen goed door, want het is koud. Bovendien begint die bloempot door te wegen. Ik draag te weinig kleren en de wind waait onder mijn te grote trui. Er staat kippenvel op mijn onderrug, daarom trek ik mijn broek nog een beetje op. Een groepje praat luid in het dialect van Waasmunster. Het lijkt alsof ze elkaar lange tijd niet hebben gezien.
De lucht is zo helder wit dat het pijn doet aan de ogen. Tegen dat witte vlak staan de bomen sterk afgetekend, alsof ze zijn uitgeknipt en er met Pritt tegen geplakt. Het regent een beetje. De vrouwen van KVLV verkopen rode grafkaarsen. Wij kopen er geen.
Het is altijd weer te vlug een november. Vandaag komt de zomer nooit meer terug.
Ik heb dit gevoel bij Allerheiligen, tien dagen later dus.
Allerheiligen valt op 1 november. 11 november is Wapenstilstanddag.
het dialect van Waasmunster, dat klinkt als een spannende reeks van Suske en Wiske. Of ben ik gewoon veel te Hollands?
neen , ‘t is gewoon zo , maar daarom niet minder …