Archief

Maandelijks archief: februari 2010

Bert en ik hebben een buttonmachine gekocht. Zo’n echte, die buttons met een diameter van 3,8 cm produceert. Het gaat, en hard jongens, je kan dat bijna niet geloven, zo hard.
Buttons zijn verkrijgbaar door ze te bestellen via evamouton@gmail.com.
Je kan:
- een verzoekje plegen (“ik wil een button met een oranje draak die danst op pumps van negen centimeter”)
- kiezen uit het aanbod

Ik stuur ze op of je komt ze afhalen. Elke button is origineel, omdat ze handgetekend zijn (dus geen prints of iets dergelijks, het is allemaal noeste arbeid)





Een ode aan mijn zopas overleden konijn. Het beest is 8 jaar geworden, dat is bejaard in konijnentaal. Mijn mama heeft hem ingepakt in een thermisch laagje van zijn lievelingshooi en in de tuin begraven. Het sneeuwde die dag, zijn pootafdrukjes stonden nog in het wit geprent.

I salute you, dear friend.

Ik werd geïnterviewd voor hun rubriek Off the record, door Sven Rammeloo. Het interview kan je onder de foto nalezen.

Hypochonder volgt buikgevoel.
Op je 22ste een column voor De Standaard schrijven, kan je op een serieuze voorraad koffie en sigaretten komen te staan. Eva Mouton, illustratrice en schrijfster, publiceerde intussen ook haar eerste verhaal in de bundel Print is dead. Tekenen is momenteel meer haar dada, met legio voorbeelden op http://www.evamouton.be

-Hoe kom je als jonge meid plots bij een grote krant terecht?
Eerder toevallig. Men had mij gevraagd een stukje over de Kunstbende te schrijven, een kunstenaarswedstrijd voor jongeren waarbij ik twee keer in de prijzen viel. Mijn tekst was blijkbaar in goeie aarde gevallen. Of ik geen interesse had om eventueel eens een column te schrijven in de zomer? En ik “ja, natuurlijk” uiteraard in de gedachte dat er nooit iets van zou komen.

-Stress gehad, toen?
Ja, zeker omdat de deadlines zo strak waren. Ik rookte minstens een pakje sigaretten per dag en dronk sloten koffie, bijna tot overgevens toe. Ik moest me voorstellen dat ik gewoon iets voor mijn familie of zo schreef, anders blokkeerde ik.

-Welke drugs gebruik je zoal?
Goeie vraag. Mijn moeder vraagt me na lezing van een column soms wat ik toen weer had gepakt. Maar ik moet haar telkens teleurstellen. Ik heb hoop en al drie joints gerookt in mijn leven, en ik werd er telkens enorm neurotisch van. Ik ben een hypochonder, dus probeer ik zo gezond mogelijk te leven. Ik ben al gek genoeg van mezelf.

-Omschrijf je stijl eens.
Een zeer directe, bijna naïeve stijl, maar met dubbele bodems, zowel in mijn teksten als tekeningen. Ik experimenteer nu veel met maffe kleuren, pastelkleuren, tussentonen, kleurpotloodlijnen, die ik eventueel inkleur met de computer. Schilderen doe ik niet.

-Je woont en studeerde in Gent. Een door kunst doordrongen mens als jij heeft natuurlijk alle Gentse musea al van binnen gezien? Favorieten?
(lange stilte) Ik stel het bezoeken van musea alsmaar uit. Mijn favoriete museum is het Huis van Alijn. Al die ‘prullen’ uit de jaren ’50 en ’60, daar haal ik veel meer inspiratie uit dan bijvoorbeeld uit schilderijen in het MSK, hoewel ik ook wel hou van de vele grappige taferelen uit hun collectie.

-Heb je bepaalde levenslessen geleerd tijdens je kunstenaarsopleiding?
Van de vele jury’s op Sint-Lucas leerde ik dat je te allen tijde achter je product moet staan, in plaats van de mensen naar de mond te praten. Ik ben na een jury trouwens vaak al wenend buiten gelopen. Onnodig, bleek achteraf.

-Heb je voorbeelden waar je naar opkijkt?
Mijn promotor op Sint-Lucas, Gerda Dendooven, die kinderboeken schrijft en illustreert. Dat je als vrouw nog zo kan zijn, was voor mij een echte openbaring. Volwassen zijn, hoeft helemaal niet saai te zijn. Van haar leerde ik dat je als kunstenaar vooral je buikgevoel moet volgen.

-Wanneer werk je het best?
‘s Avonds en ‘s Nachts, omdat er dan geen verplichtingen zijn. Geen eindpunt ook, zoals aan de vreselijke middag. Als de winkels dicht zijn, kom ik tot rust. En als het niet meer lukt, doe ik even iets in het huishouden. Daarna gaat het weer beter. Soms vind ik zelfs antwoorden voor problemen in mijn dromen. Een soort visioenen, waarin oplossingen mij worden aangereikt. Supercool.

-Hoe pep je jezelf op?
Dankzij mijn opdrachten, gelukkig. Ik kan echt heel goed uitstellen, daarom heb ik illustratie gekozen. Zitten schilderen op een zoldertje, is niets voor mij. Dan komt er nooit iets van in huis.

-Een hippe vogel als jij heeft zeker veel Facebook-vrienden?
Ik had er meer dan 500, maar diegenen waar ik nog nooit in real life heb tegen gesproken, heb ik onlangs ontvriend. Die stuurden me dan natuurlijk berichten met de vraag waarom ze ontvriend waren, dus heb ik er al veel terug toegevoegd.

-Heb je voor ons tot slot nog vijf Gentse, opkomende generatiegenoten waarvan we nog zullen horen?
Da’s een moeilijke. But here goes: fotograaf Athos Burez, vrije-grafiekers Wim Van Cauwenberghe, Bert De Geyter en Greet Van Moerbeke, en multimediamadam Marijke Respeel.

Volg

Ontvang elk nieuw bericht direct in je inbox.

Doe mee met 5.660 andere volgers