archiveren

Maandelijks archief: november 2010

Vinden jullie dit ook zo spannend? Het is van mijn kikkerverzameling geleden dat ik nog een keer zo enthousiast was over een verzameling. Die ene haaientandenverzameling buiten beschouwing gelaten.

Verzameling verzameling verzameling.

Anyway, er zijn dus:

New! An Olaerts: -
Chrétien Breukers, de Contrabas assistent: lopen
New! Dennis Gaens: smurfen
New! Dimi Verbelen: smurfen
New! Dimitri Antonissen: -
Dirk Vekemans: verscheidene, wel steeds dezelfde, maar wisselend naargelang de problematische input
Eline Delrue: lopen
Eva Mouton: drinken
New! Fanny Maenhout: schrijven
Hanneke Hendrix: lopen en horen
Heidi Lenaerts: komen
Ivo Allewaert: -
Ivo Victoria: -
New! Jan Aelberts: -
New! Kapitein Winokio: geven
Lies Van Gasse: zingen
New! Liesbeth Imschoot: smurfen
Maarten Inghels: spelen
New! Nasja Covers: lopen
Sancta Rafaela: -
Sebastiaan Andeweg: smurfen
Sven Rammeloo: lachen
Sylvie Marie: maken
New! Thomas Blondeau: takelen
New! Tim Yves Mieke Devriese: spelen
New! Willem Sjoerd Van Vliet: werken
New! Wouter Rogiest: lopen
New! Wouter Woussen: –

Hopsa!

DT-WOORDJES,
een verzameling.
(schrijvers / journalisten / dichters (alfabetisch geordend)):

Chrétien Breukers, de Contrabas assistent: lopen
Dirk Vekemans: verscheidene, wel steeds dezelfde, maar wisselend naargelang de problematische input
Eline Delrue: lopen
Eva Mouton: drinken
Hanneke Hendrix: lopen en horen
Heidi Lenaerts: komen
Ivo Allewaert: -
Ivo Victoria: -
Lies Van Gasse: zingen
Maarten Inghels: spelen
Sancta Rafaela: -
Sebastiaan Andeweg: smurfen
Sven Rammeloo: lachen
Sylvie Marie: maken
Tim Yves Mieke Devriese: spelen

Zal op zeer onregelmatige basis worden aangevuld.

Gisteren begon ik een verzameling.
De verzameling heet: ‘dt-woordjes’.
Ik ging ervan uit dat iedereen wel zijn eigen unieke dt-woordje had. En dat het dus een leuke verzameling zou worden.

Hm.
Ik mailde naar een aantal kennissen die schrijven. Dichters, journalisten, schrijvers, liefhebbers van het woord.
De mail ging als volgt:

Dag schrijversvriend
of -kennis,

ik heb sinds kort een verzameling.
De verzameling heet: ‘dt-woordjes’.
Ik verzamel de dt-woordjes van schrijvers/journalisten/dichters.

Ik heb er al één:
drinken, van Eva Mouton

Het dt-woordje van de schrijver is misschien wel heel intiem. Alsof je plots in je oma-onderbroek voor een groep mensen staat.
Of misschien hebben echte schrijvers wel geen dt-woordje nodig. En sta ik hier alleen in mijn oma-onderbroek.

Dat weet ik niet op voorhand! Dat maakt het nogal spannend.

De verzameling komt op mijn blog terecht.
Ook als je geen dt-woordje nodig hebt, wil je dan reageren, met bv. ‘GEEN’, of zo’n schuin streepje?
Dan weet mijn verzameling dat. Dan kan ik dat aanvinken.

Alvast bedankt,
Eva

PS: een dt-woordje is een vervangwerkwoord voor een werkwoord dat op een ‘d’ eindigt.

Ik vond het een heel duidelijke mail.
Al snel kreeg ik antwoord. Iemand begreep het niet en nog iemand anders had geen dt-woordje.
Aan schrijver 1 mailde ik meer uitleg:

Als je schrijft:
‘antwoord je?’
dat je ‘antwoord’ dan vervangt door een ander werkwoord om te kijken of het op een -d of een -t eindigt.
Ik vervang die moeilijke dt-woorden altijd door ‘drinken’.
‘drink je?’ ok, er komt geen -t na de -d van antwoord. ‘Drinken’ is mijn dt-woordje.

Ik hoop alsnog op positieve antwoorden, zodat het een bonte verzameling aan dt-woordjes wordt.

Spannend! We zien wel.

Feestdagen. Zucht. Wie houdt er niet van?
Ik heb vandaag mijn onkostenbonnetjes gezocht en gesorteerd op ‘vervoer’, ‘materiaal’ en ‘prints & scans’. Daarna heb ik facturen in mappen gestopt. Een paar mails gedaan naar mensen. Wat rondgehangen. Gedacht dat ik dringend de was moet doen, want mijn onderbroeken zijn op. Onmiddellijk daarna de bedenking gemaakt dat ik morgen misschien gewoon onderbroeken kan gaan kopen. Nog wat rondgehangen. Mijn fotodoos bovengehaald.

De pijnlijke ontdekking gedaan dat ik sinds mijn vierde levensjaar niet meer van kapsel ben veranderd.
Zo avontuurlijk ben ik dus. Daarna heb ik wat nagedacht over het leven. Over hoe snel alles gaat en ik misschien eens wat meer foto’s moet nemen want ik doe dat nooit. Misschien moet ik een keer naar de kapper gaan.

Of eindelijk mijn schoolwerk eens in orde brengen. Diepe zucht. Feestdagen.

Opeens stond er een kind naast mij. Ik denk dat het een meisje was, maar ik weet het niet zeker. Kleine mensen hebben allemaal hetzelfde stemgeluid en dezelfde voorkant. Bovendien zat ik op De Tekenplaneet, waar vragen over geslacht eigenlijk niet bestaan of aan de orde zijn.

Ze zei: ‘ik vind dat je mooi kan tekenen.’ Ze wees naar het huisje dat ik net op de kast aan het schilderen was.
Ik zei: ‘dank je.’
‘Je collega kan ook mooi tekenen,’ zei het meisje. Ze wees naar Gerda.
Ik zei: ‘ja, dat is waar.’

Toen verdween het kind. Al snel stond ze terug, op haar zelfde plekje, dit keer met een fototoestel in haar handen. Ze keek in mijn schetsboek en begon aan te wijzen wat waar stond en wat waar nog ging komen.
‘Je moet het schetsboek niet geloven,’ zei ik. ‘Eigenlijk heb ik geen plan in mijn hoofd.’
‘De poes staat daar, maar heeft haar ogen open,’ zei het kind, ‘in je boek zijn haar ogen gesloten.’
‘Ja,’ zei ik, ‘de poes had eigenlijk geen zin meer om te slapen in de kast.’

Het kind verdween weer.

Ik zei: ‘fuck, mijn paard is mislukt.’
Gerda zei: ‘maak er een zebra van.’
Ik zei: ‘fuck, mijn zebra is mislukt.’

Toen stond het meisje weer naast me.
Ze zei: ‘het leven is er om fouten te maken. Het belangrijkste is dat je uit die fouten leert.’
Ik keek haar aan.
‘Hoe oud ben jij?’ vroeg ik.
Het kind dacht even na, knipperde met haar ogen en zei toen: ‘acht.’
‘Wat zo leuk is aan schilderen, is dat je je fouten nog onder een laagje wit kan verstoppen,’ zei ik, ‘dat je er helemaal niet uit hoeft te leren.’
Het kind keek me streng aan en zei: ‘uit vals spelen leert niemand wat.’

Ze was weer weg. Ik begon me af te vragen of andere mensen dit kind wel konden zien. Of ik alleen haar kon zien. Met die vragen en inzichten van haar. Was zij mijn geweten? Had zij wel een naam? Waar waren haar ouders toch gebleven? Dit was toch niet normaal.

Ik schilderde verder. Het kind kwam weer naast me staan. Ze toonde de foto’s die ze van de tekeningen had gemaakt.
‘Teken jij eigenlijk graag?’ vroeg ze.
‘Wat denk je zelf?’ vroeg ik.
‘Ik denk van wel,’ zei ze.
‘Het is het liefste wat ik doe,’ zei ik.
Ze glimlachte. ‘Dat kon ik zien,’ zei ze.

Ondertussen was Heidi Lenaerts aan de grote boekenquiz begonnen. Ze stelde vragen aan de drie finalisten. Twee vrouwen en een man. Wie de meeste antwoorden goed had, won de kast. Ik vond het spannend en ook leuk dat ik niet mee hoefde te quizzen. In de plaats lekker met dat kind van mij in mijn tekenwereld kon zitten.

‘Dat is mijn mama daar,’ zei het kind. ‘Die linkse.’
‘O,’ zei ik. Ik werd een beetje triestig van dat nieuws. ‘Dus jij bent echt?’
‘Wat?’ vroeg het kind.
Ik zei: ‘niets.’

De mama won de quiz niet. Ik vond het best sneu voor dat kind. Gelukkig heeft ze de foto’s nog, dacht ik.
Later hoorde ik het kind roepen: ‘gratis stickers!’
Ik heb haar niet meer terug gezien.

Gelukkig heb ik de foto’s nog, dacht ik.

- Boekenwinkel Het Paard Van Troje verkoopt mijn buttons in hal 4, stand nummeroken 441. Wees er snel bij! Want ik heb gehoord dat ze de beurs uitvlieieiegen.

- Op dinsdag 9 november teken ik samen met Gerda Dendooven van 17.00-19.00u op de boekenkast die Heidi Lenaerts weggeeft met Babel (Klara) op de Boekenbeurs. Kom af! Het belooft een gezellige (verf)boel te worden!

Volg

Ontvang elk nieuw bericht direct in je inbox.

Doe mee met 6.520 andere volgers